Inspiratie: een verhaal over cirkels (en muziek door Herman van Veen)

Het Stadsklooster – geloven in ontmoeting -mag gasten ontvangen uit de hele wereld. Zo ontvingen wij een aantal jaren geleden een Afrikaanse pastoor uit Burkina Faso. Een heerlijke man die genoot van zijn ontmoetingen hier. Hij wilde graag wat terugdoen en beloofde te zorgen voor een originele kerstgroep uit zijn land. Binnen twee maanden bleek al dat hij woord hield. Via-via arriveerden hier twaalf unieke bronzen beeldjes:

Jezus liggend in een gevlochten mand, Jezus als het centrum van een mandala;

Jozef, volop in beweging; Maria, in volle aandacht; twee herders: één met hak en zwaard; één met staf, hoed en lam; drie wijzen, elk op eigen koninklijke wijze; vijf dieren: een lam en een ram; een antilope en tweemaal mijn lievelingsdier: de ezel.

Een geweldige aanwinst voor onze kerststallencollectie.

Een half jaar later was ik in Kaldenkirchen, net over de grens bij Venlo. Altijd voordelig om daar even te tanken. Naast het tankstation een rommelmarkt, op het moment van sluiten. Toch even kijken, misschien nog meer voordeel te behalen. Laat ik daar nou dezelfde soort bronzen beeldjes zien staan!

Weer een twaalftal, maar nu samen een orkest vormend: twee bespelers van snaarinstrumenten; drie blazers; zes slagwerkers: twee slaan met beide handen op de trommel, drie hebben een gebogen slaghout en de laatste gebruikt twee stokken; en als piece de résistance een xylofonist.

Alles bij elkaar een prachtig orkest, dat ik in een halve cirkel rond Jezus in de mandala plaats. De andere halve cirkel wordt gevormd door de beeldjes die er al waren. Al een paar jaar genieten duizenden bezoekers van deze unieke groep.

In 2010 bekruipt mij een zekere twijfel: Waar is toch die magische cirkel uit Burkina Faso? Die zal toch wel tevoorschijn komen? Aan wie had ik die nou toch uitgeleend?? In 2012 neemt de onzekerheid toe: “Waar is onze bronzen cirkel gebleven?” Advent 2013. Vrijdagmiddag 5 uur. Ik sta bij de ingang van de Jozefkapel en begroet alle straatmensen die voor de wekelijkse gebedsdienst komen. Altijd een mooi moment. Daar komt Marcellino de trap op. Hij is een GVR (Grote Vriendelijke Reus) die een fan is van onze tuin. Officieel is die tuin op vrijdagmiddag voor onze straatmensen verboden terrein. We willen niet dat daar gedronken wordt of ‘gebruikt’. Maar voor Marcellino knijp ik wel eens een oogje dicht. Hij gaat niet naar de tuin om te drinken, maar om met aandacht te kijken naar alles wat groeit en bloeit en ook naar alle kunst. De laatste jaren heb ik regelmatig kunnen constateren dat er aardige toevoegingen verschenen in de tuin: een bijzondere steen in de schoot van het centrale beeld in de tuin; een Chinese danser van ‘ivoor’, geplaatst op een bijzondere boomstronk. Van dit soort anonieme geschenken verdenk ik Marcellino. Ik heb een leuke band met hem. Nu komt hij de kapel in en overhandigt mij een gevulde plastic tas. Als ik die in mijn handen krijg, gaat er een schok door mij heen. “O, wat ben ik blij. Hoe kom je daar aan?” “Deze beeldjes stonden enkele jaren geleden in de tuin en iemand heeft ze gepikt en ze toen verkocht aan een antiquair. Ik heb ze nu voor u teruggekocht, broeder Frans.” Ik geloof het verhaal niet, maar dat ik dat niet hoef te zeggen, maakt de blijdschap – van mij én van hem – er alleen maar groter van.

Zonder alles te zeggen, begrijpen we beiden wat er in deze ontmoeting gebeurt. Ook dit is weer: Geloven in ontmoeting – de woorden waar dit mee begon.

En daarmee is de cirkel weer rond.

Geschreven door: broeder Frans Wils, Stadsklooster Den Haag (2016)

 

En het prachtige lied “Cirkels” gezongen door Herman van Veen (live in Carre)